
Er worden 3 vaste groepjes gemaakt. Timer zetten van 10 min en dan doordraaien. Bij deze oefening gaan ze met een bal door een circuit heen om de balvaardigheid te oefenen. Bij ladder bal hoog en dan per vakje 2x stappen. Vervolgens pionnen aantikken en over je hoofd naar andere hand en daar pion aantikken. Als laatste achteruit tippen naar pion en dan terug tippen naar begin. (na een paar keer mag je oefeningen aanpassen, vb schuin door ladder, tippen om pionnen en sprinten naar pion). Bij deze oefening wordt er aan het sprongschot gewerkt. Er staan 2 palen dicht op elkaar en ze moeten er schuin doorheen met hun arm hoog. In het doel staan 2 pionnen waar ze op moeten gooien (dus geen keepers). Bij deze oefening gaan ze overgooien op verschillende manieren. (1) gewoon met goede hand, (2) met stuit, (3) met verkeerde hand, (4) met tennisballen, (5) met gewone bal achter rug langs.
This practice has no coaching points
This practice has no progressions
Wing players operate in the most demanding shooting position on a handball court, where acute angles and a close goalkeeper make finishing a specialist skill. This article breaks down the technique, decision-making, and training progressions that coaches need to develop elite wing finishing.
The transition from attack to defence is the most vulnerable moment in handball. This article examines the 3-second recovery principle, the specific roles players must adopt during transition, and the training scenarios that build a team's ability to recover defensive shape under pressure.
Handball demands explosive power, repeated sprint ability, and the strength to compete physically for 60 minutes. Sport-specific conditioning develops the athletic qualities that underpin elite performance.